Nepal dag 4 tot 6
Deze morgen
gingen we te voet naar Swayambunath. Wanneer we door de nauwe straten liepen en
de kleine huisjes zagen met de houten balkons erboven, de geluiden en de geuren,
of zouden we maar zeggen stank, het vele vuil langs de straat, dan waanden we
ons terug in de middeleeuwen. Mensen wasten zich in een plas met vuil water.
Verkopers vielen ons constant lastig met de meest denkbare prullen die ze
verkochten en bedelaars hielden de handen op. Gehandicapten kwamen naar ons toe
gekropen voor een aalmoes.
Swayambunath,
ook gekend als de apentempel, lag op de top van een heuvel en was een
belangrijke tempel voor de boeddhisten. Eerst een steile klim en dan nog eens
365 treden naar boven. Onderweg zagen we tientallen apen en oranje en geel
geschilderde boeddhabeelden. Eenmaal boven zagen we de stoepa met de
opgeschilderde ogen en aan de voet waren er talrijke offerplaatsen. Hier ook
liepen de gelovigen rechtsom rond de stoepa. Men had hier ook een prachtig
uitzicht over Kathmandu.
Terug
beneden namen we een taxi naar de post. We moesten in de rij staan om postzegels
te kopen en daarna reden we met de taxi naar het Durbar Square van Patan. Patan
was de tweede grootste stad in de Kathmandu vallei maar het had het grootste
Durbar Square met een uitgebreide verzameling tempels, pagodes en zuilen. Op het
plein was een café met een dakterras, hier zaten we een tijdje want we hadden
hier een prachtzicht op de bedrijvigheid van het hele plein. We brachten ook een
bezoek aan de Gouden tempel, een boeddhistisch klooster. De ingang werd bewaakt
door geschilderde leeuwfiguren. De voorgevel was verzilverd en verguld en
voorzien van prachtige afbeeldingen. De gebedsmolens waren ook hier talrijk
aanwezig en benadrukten de Tibetaanse invloeden.
Daarna
gingen we naar de Tempel van de 1000 boeddha’s, opgetrokken uit terracotta
platen en bedekt met duizenden afbeeldingen van boeddha en verschillende
bloemmotieven. De tempel lag in een wijk van metaalbewerkers met kleine
werkplaatsen en winkels. Overal konden we binnen kijken en zagen we een klein
donker hok. We zagen ook het kabinet van een tandarts, het zou ons maar
overkomen dat we hier naar de tandarts moesten.
Deze morgen konden we wat langer slapen want we moesten maar om 10u30 klaar zijn om te vertrekken naar Baktapur.
Baktapur was
de meest middeleeuwse stad van de drie koningssteden. Toen we in de stad
arriveerden, was er juist een festival aan de gang, Festival 1997. Overal was
een massa volk op de been, er waren voorstellingen met dans en zang in
verschillende klederdrachten. De tempels waren prachtig versierd en er heerste
een aparte sfeer. Op de pleinen zagen we pottenbakken en graan dorsen. Het was
hier veel rustiger dan in Kathmandu en Patan. Er waren geen verkopers die ons
voortdurend lastig vielen, het was aangenaam en een echte verademing. Hier zagen
we nog de traditionele levenswijze van de bewoners.
’s Avonds
aten we weer met de hele groep: typisch Nepali Dinner, heel lekker.
Afspraak
voor het ontbijt om 5u45. Toen we in het restaurant kwamen, was er nog geen
Nepalees te zien. We moesten ze nog wakker maken ook want ze hadden zich
overslapen. Het duurde dan ook eindeloos eer we iets te eten kregen.
Terwijl we
wachtten op het ontbijt, konden we van op het dakterras naar beneden kijken in
de straten. Het was alsof we met de teletijdmachine naar de middeleeuwen
verhuisd waren. De mensen kwamen met hun groente naar de markt, er was een
straatveger, echt ongelooflijk.
We waren
nauwelijks een uurtje op weg toen we in de file stonden. Op de bergweg naar
Pokhara waren twee bussen op mekaar ingereden en uiteindelijk stonden we daar
anderhalf uur. Naar Pokhara was het 200 kilometer en een heel slechte weg. Rond
13u aten we een sandwich, we waren toen goed halverwege. De buschauffeur was een
beetje een halve gek want hij wou waarschijnlijk de verloren tijd inhalen. Met
al die putten en bulten in de weg en de slechte veringen van de bus werden we
behoorlijk door elkaar geschud. De raampjes schoven altijd open en het tochtte
ook. Op het laatst werd het wel koud in de bus.
Rond 17u
waren we dan in Pokhara, eerst namen we een douche en dan gingen we eten, een
typisch Indisch gerecht dit keer maar het Nepalees van de vorige dag was toch
lekkerder.