|
|
|
Bolivia - Peru dag 4 tot 6 Dag 4: Maandag 16
oktober
’s
Morgens gingen we eerst naar de bank, voor 300$ kregen we 1885,5 Bolivianos, een
wisselkoers dus van 6,285. (1 Bol was 7,6 Belgische frank)
We vroegen kleine biljetten want dit was nodig omdat ze nergens
wisselgeld hadden (zegden ze toch!) met als resultaat een heleboel geld. Om
12u verzamelden we voor een excursie. Eerst reden we naar de Cristo de la
Concordia, Vervolgens reden we naar een pelgrimsdorp, Quillacollo genaamd. Hier stond de Virgen de Urcupiña die heel belangrijk was voor de Bolivianen. Op straat zat een vrouwtje met cocabladeren onder glas, een flesje en een belletje. Wij dachten dat ze cocabladeren verkocht maar later bleek dat ze de toekomst voorspelde. Daarna
gingen we richting Payrumani voor een bezoek aan Villa Albina, het huis van de
tinbaron Simón Patiño. Hij werd geboren in 1860 in Cochabamba en hij slaagde
erin om de We
bezochten ook nog het Centro Pedagogico y cultural Simón I. Patiño. Inkom 10
Bs. Het huis werd gebouwd tussen 1915 en 1927 maar de tinbaron heeft er nooit
gewoond. Dit huis was binnenin wel een stuk indrukwekkender dan Villa Albina. ’s
Avonds had niemand zin om met de groep te gaan eten omdat het altijd zo
eindeloos lang duurde. In restaurant Crystal aten wij bife met ei, frieten,
rijst en salade voor 12 Bs p.p., voor een biertje (Taquiña) betaalden we 8 Bs. Dag 5: Dinsdag 17
oktober
Hier
in het hotel hadden ze de mentaliteit: “Ik wakker, iedereen wakker” want
rond 5 u ’s morgens was er terug een hels lawaai. We bleven echter toch nog in
bed liggen tot 6u30. Om 8u reden we met de bus naar de luchthaven voor een
binnenlandse vlucht naar Sucre, luchthaventaks 10 Bs. p.p. We stegen op om 10u
voor een vlucht van 30 minuten. De
transportband in de aankomsthal was een bandje van een paar meter lang, heel
primitief. De
rit naar Hostal Sucre verliep met de plaatselijke bus, allemaal opeengepakt met
alle bagage, een belevenis. De bus stopte niet voor het hotel en dus moesten we
met onze bagage nog twee blokken lopen. Hostal
Sucre was een mooi koloniaal hotel met patio met bogen en bloemen en mooie
kamers.
Na
een lichte lunch liepen we naar de begraafplaats. In
de namiddag slenterden we rond op Plaza 25de Mayo en de markt aan Ravelo. We
kochten postkaarten en postzegels (wel duur, 6 Bs per postkaart). Dag 6: Woensdag 18
oktober
8u:
verzamelen voor een excursie. Na een korte rit met de bus stopten we aan het
kapelletje van de Virgen de la Chataquila op 3700 m waarin we even een kijkje
namen en De
Boliviaanse gids toonde ons verschillende bloemen o.a. de bromelia die afstierf
nadat deze uitgebloeid was. Toen
we terug aan de bus kwamen in Cancha Cancha waren we een dikke 500 meter gedaald. Nadien
hadden we lunch aan een rivier: boterhammen met kaas en ham, cola, sinaasappel,
yoghurt, popcorn, chocolaatjes, ananas en nootjes. Een dik moedervarken met haar
jongen kwam ons gezelschap houden. Er
kwam ook een klein meisje met een grote tas in de hand waarin iedereen alles
gooide wat niet opgegeten werd. Op het einde was de tas boordevol en was het
meisje de koning te rijk.
Op
de terugweg zagen we een klein kerkhofje waar de arme boeren en bergbewoners
begraven werden. De graven waren heel klein met alleen een kruis op, dat kruis
was dan wel versierd met linten en bloemen, een heel verschil met het kerkhof in
Sucre. Tussen en op de graven liepen ezels en geiten. Naast het kerkhof stond
een gebouwtje en hierin stonden een paar schedels, dit bleek een heilige plaats
te zijn. En
weer lagen we redelijk vroeg in bed. |